Eventueel achterblijven van rest tumor na chirurgisch verwijderen van de prostaat heeft weinig invloed op kwaliteit van leven

EINDHOVEN / BREDA / TILBURG – Eventueel achterblijven van een restant van de tumor na het chirurgisch verwijderen van de prostaat heeft nauwelijks tot geen invloed op de kwaliteit van leven van mannen. Er waren alleen verschillen in hormonale klachten en ziekte-ervaring. Die conclusie trekken Anke Richters (IKNL) en collega’s naar aanleiding van een studie naar de kwaliteit van leven van patiënten na chirurgisch verwijderen van de prostaat in zeven ziekenhuizen in de voormalige IKZ-regio.

Prostaatkanker

Wanneer een man de diagnose prostaatkanker krijgt, wordt er vaak gekozen om een prostaat operatief te verwijderen. Echter, het verwijderen van de prostaat is een lastige operatie omdat er weinig ruimte is om te opereren. Er bestaat veel kans op beschadigingen, waardoor een patiënt bijvoorbeeld incontinent of impotent wordt. Een chirurg zal altijd heel voorzichtig zijn met de grootte van het gebied dat weggehaald wordt. Hierdoor is het voor een chirurg lastig om zeker te weten dat de volledige tumor weggehaald is. Regelmatig blijkt na een operatie dat de snijvlakken niet tumorvrij waren. Dit houdt in dat niet alles is weggehaald. Deze uitkomst kan uiteraard veel onrust veroorzaken bij patiënten. Vaak moet er bij deze patiënten nog een aanvullende behandeling plaatsvinden.

Het doel van de studie was om te kijken of het eventueel achterblijven van een restant van de tumor invloed had op de kwaliteit van leven en ziekte ervaring bij patiënten met prostaatkanker na het chirurgisch verwijderen van de prostaat. Alle patiënten die tussen 2006 en 2009 de diagnose prostaatkanker hadden gehad en die verwijdering van de prostaat ondergingen in een van de zeven deelnemende ziekenhuizen in de voormalige IKZ-regio (tegenwoordig IKNL Eindhoven), kregen een uitnodiging om een vragenlijst in te vullen. In totaal ging het om 197 patiënten. De tijd na de operatie varieerde van ruim 1 jaar tot ruim 6 jaar. Zowel mensen met positieve snijvlakken als negatieve snijvlakken waren evenredig verdeeld over de tijd na operatie. Oftewel, het was niet zo dat mensen met negatieve snijvlakken al meer of eerder overleden waren.

Klinisch en vragenlijsten 

De klinische gegevens van de patiënten werden gecombineerd met reacties op de vragenlijsten

Ongeveer 84 procent van de mensen die een vragenlijst hadden gekregen hebben hierop gereageerd. Ongeveer 60% (2 van de 3 mannen) had geen schoon snijvlak na operatie, en dus was er een restant van de tumor achter gebleven.

Patiënten die een restant van de tumor na verwijdering van de prostaat hadden, scoorden meestal beter op het kwaliteit van leven gebied dan patiënten die geen tumor resten na verwijdering van de prostaat hadden. Dit was verrassend, aangezien de verwachting was dat ze juist slechter zouden scoren. De verschillen waren echter niet groot, en dus nog niet wetenschappelijk bewezen. De reden waardoor patiënten met resttumor zich beter voelen, zou kunnen zijn omdat de operatie zie minimaal mogelijk is geweest, waardoor ze bepaalde klachten niet hebben, die andere patiënten wel hebben, omdat zij een grotere operatie gehad hebben.

Hormonale klachten en ziekte ervaring

Alleen verschillen op het gebied van hormonale klachten en begrip over de ziekte waren groot. In het laatste geval hadden patiënten met positieve snijvlakken het gevoel dat ze meer controle hadden over hun ziekte. Dit komt waarschijnlijk door het meer intensieve behandeltraject.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.